Home > Behandelingen > Stabiliteit: zeker op de voeten bij neuropathie

Stabiliteit: zeker op de voeten bij neuropathie

Stabiliteit is erg belangrijk bij neuropathie, om de balans en het evenwicht te garanderen. Hoe wordt dat bereikt?

Stabiliteit: vallen en opstaan!

Stabiliteit: vallen en opstaan!

Stabiliteit: stevig op de voeten staan, goed kunnen inschatten wat te doen bij evenwichtsveranderingen en vanuit een gevoel van stabiliteit stevig op de aarde staan. Dat alles is voor een patient met neuropathie een groot probleem. Struikelen, vallen, en evenwichtsverlies zijn immers aan de orde van de dag. Onze aandacht gaat niet alleen uit naar pijn bij neuropathie, ook de stabiliteit is van groot belang. Helaas zijn er nog steeds veel neurologen die bij neuropathie problemen roepen: niets aan te doen, moet u mee leren leven. Dat geldt niet voor pijn, maar zeker ook niet voor stabiliteit en evenwicht!

Stabiliteit oefenen!

In ons instituut helpen we mensen met pijnlijke neuropathie. Het valt ons op, dat bijna nooit een arts vroeg: en hoe gaat het met uw stabiliteit? Staat u nog stabiel op de voeten, struikelt u meer en valt u meer? Want dat merken mensen die een polyneuropathie hebben vaak. Of je nu een neuropathie hebt door suiker, diabetes, of een CIAP, stabiliteit op de voeten daar schoort het ook vaak aan. En vele neuropathie vormen komen voor bij oudere mensen. Die sowieso al niet zo stabiel op de voeten staan. Stabiliteitsproblemen zijn echter behoorlijk gevaarlijke problemen, omdat een val om de hoek ligt. En vallen leidt weer tot bot breuken. Daarom zijn oefeningen om stabiliteit te verbeteren en zekerder op de voeten te staan uitermate belangrijk.

Behandelprotocol stabiliteit bij neuropathie

In ons behandelprotocol voor neuropathie zal u aantreffen zowel natuurlijke middelen die de zenuwen ondersteunen en beschermen, als oefeningen voor de verbetering van de stabiliteit. Wij geven patienten altijd een speciale instructie mee voor de fysiotherapeut, zodat ook door oefeningen de zenuwen getraind worden.

Mei 2015, prof. dr. Jan M. Keppel Hesselink

Gerelateerde artikelen