Home > Neuropathie > Dunne vezel neuropathie > Dunnevezelneuropathie (DVN) het meest bij diabetes

Dunnevezelneuropathie (DVN) het meest bij diabetes

Dunnevezelneuropathie (DVN) komt het meest voor bij patienten met suikerziekte. In het medische tijdschrift Jama Neurology, stond op 11 april 2016 een artikel met als titel: “Longitudinal Assessment of Small Fiber Neuropathy. Evidence of a Non–Length-Dependent Distal Axonopathy”. Dat wil zoveel zeggen als dat gekeken is naar hoe de dunnevezelneuropathie zich in de loop van de tijd ontwikkeld.[1]

DVN is een veel voorkomende zogenaamde axiale neuropathie die voornamelijk hele dunne gemyeliniseerde en vooral ongemyeliniseerde vezels aantast en dit heeft als gevolg een combinatie van neuropathische pijn, verminderd gevoel (hypoesthesie) en autonome stoornissen. Het kan een voorbode kenmerk zijn van een algemeen ziekteproces waarbij grote en kleine vezels aangetast gaan worden, of het kan leiden tot een verschillende stoornis die overwegend kleine vezels aantast.

Voor deze studie werd de ontwikkeling van DVN onderzocht bij vier groepen: mensen met DVN waarvan de oorzaak niet bekend is, mensen met pre-diabetes, mensen met diabetes en mensen zonder DVN.

De onderzoekers keken naar patiënten met overheersende DVN door verschillende oorzaken ie die werden in de tijd gevolgd om de pathologische voortgang van kleine vezels te kunnen karakteriseren. Met een tussenpose van ongeveer twee jaar werd het functioneren en de afname van zenuwvezels getest bij de 4 groepen.

Ondanks een relatief stabiel klinisch verloop nam de hoeveelheid dunne vezels in de huid in de loop van de tijd af. De snelheid van dat verlies is vergelijkbaar bij patiënten met DVN en patienten met suikerziekte. Bovendien leek het dat de stoornis een patroon volgt van een zogenaamde niet-lengte-afhankelijke terminale axonopathie en dat niet een lengte-afhankelijk proces de langzaam progressieve distale tot proximale axonale degeneratie (afsterven) veroorzaakt.

De conclusies met de woorden van de onderzoekers:

We hebben waargenomen dat patiënten met DVN, ongeacht de oorzaak, progressief axonverlies ondervonden gedurende 2 tot 3 jaar follow-up, met veel ontwikkelende grote-vezeldisfunctie. De snelheid van axonverlies in ‘impaired glucose tolerance-associated SFN’ was vergelijkbaar met die in diabetes of gewone DVN. Het spaciotemporale patroon van axonverlies geeft aan dat de distale uiteinden van axonen selectief kwetsbaar zijn, ongeacht axongrootte. Deze bevinding suggereert dat SFN een niet-lengte-afhankelijke distale axonopathie is en geen lengte-afhankelijk proces.

Met simpelere woorden: Bij alle drie groepen met DVN, was er een vergelijkbaar verlies aan dunne zenuwvezels te zien. In tegenstelling tot klassieke perifere neuropathie, waarbij de zenuwen vanuit de uiteinde in de lengterichting worden aangetast, is er bij DVN verlies van zenuwvezels op meerdere plekken tegelijk.

Behandeling van pijn bij dunnevezelneuropathie in ons instituut

We hebben een protocol ontwikkeld, onder anderen op basis van hoge dosis fenytoine in een speciale creme, die de huidzenuwen tot rust brengen. Patienten kunnen zich gratis laten voorlichten bij de schrijver van dit stuk, professor Keppel hesselink. Ze krijgen dan ons protocol uitgelegd, alsmede, als ze een positieve response hebben op de fenytoine creme behandeling, een recept voor deze creme samen met aanwijzingen vanuit ons protocol. U kunt emailen met uw verhaal welke klachten u heeft en hoe lang, en waar de diagnose gesteld is naar jan- apenstaartje-neuropathie.nu

November 2017, prof. dr, Jan M Keppel hesselink, arts-pijnbehandelaar

Referentie

[1] Khoshnoodi MA1, Truelove S2, Burakgazi A3, Hoke A1, Mammen AL4, Polydefkis M1. | Longitudinal Assessment of Small Fiber Neuropathy: Evidence of a Non-Length-Dependent Distal Axonopathy. | JAMA Neurol. | 2016 Jun 1;73(6):684-90. doi: 10.1001/jamaneurol.2016.0057.

Gerelateerde artikelen